Oxford, de stad van de mooie gebouwen, de stad van de kennis, de stad van de rijkdom. Welke toerist zou er niet van onder de indruk zijn? Ik was dat in ieder geval wel. Maar waar ik mij totaal niet mee bezighield, was de manier waarop Oxford zo mooi en rijk geworden is. Gelukkig las ik R.F. Kuangs Babel, een fantasyroman over het vertaalcentrum van de universiteit die het duistere en koloniale verleden van Oxford laat zien. Wil je weten waar het over gaat en wat de schrijfster ermee wil zeggen? Lees dan door!
Babel gaat over Robin Swift (zijn aangenomen naam; we komen nooit achter zijn oorspronkelijke naam), een jongen uit Canton die in Engeland terechtkomt nadat zijn hele familie is overleden. Hij wordt opgeleid tot vertaler, wat inhoudt dat hij in aanraking komt met het machtigste materiaal waarover het Britse rijk beschikt: zilver, dat met de juiste woorden magische krachten heeft. Robin, blij met zijn opleiding en de privileges die erbij horen, is eerst trouw aan Oxford. Maar wanneer hij doorkrijgt dat zijn kennis wordt misbruikt en dat zijn volk onderdrukt wordt, besluit hij samen met zijn vrienden in opstand te komen.
Babel is een roman met veel belangrijke thema’s: kolonialisme, machtsmisbruik, discriminatie en bedrog aan de ene kant, en vriendschap, loyaliteit en rechtvaardigheid aan de andere kant. Kuang staat, in tegenstelling tot veel andere schrijvers van fantasyboeken, bekend om haar focus op China en hoe personages die daar vandaan komen omgaan met de westerse wereld. Dit komt zeker terug in Babel, waarin Robin uit China langzaam maar zeker doorkrijgt dat hij gebruikt wordt, in plaats van dat men echt om hem geeft.

Hoewel Kuangs roman thuishoort in het fantasygenre vanwege de magie die erin zit, is Babel wel degelijk gebaseerd op de echte wereld. Kuang wil laten zien dat de westerse wereld haar rijkdom niet op een eerlijke manier heeft vergaard, en dat rijke landen alleen maar bezig zijn met rijker worden, ongeacht of andere mensen daaronder lijden. In Babel wordt dit niet alleen gedaan door mensen en middelen uit andere landen te halen voor eigen gewin, maar in dit geval worden zelfs talen gebruikt, of eigenlijk gestolen, om er zelf beter van te worden.
Ik voelde me nogal schuldig toen ik dit boek las. Ik ben een westerse vrouw en ben mij er veel te weinig van bewust hoe alle rijkdom die wij hebben (want Nederland is natuurlijk zeker niet onschuldig, met haar koloniale verleden en wat vroeger de gouden eeuw werd genoemd waarin Nederland het machtigste rijk ter wereld was) verdiend is ten koste van andere volkeren. Terwijl ik het boek las, bedacht ik me dat ik meer stil moet staan bij het land waarin ik leef en hoe we dit land geworden zijn. Babel herinnerde mij eraan dat niets vanzelfsprekend is, en dat het belangrijk is dat we dit weten. Het nadeel is dat het een roman is die hier geen doekjes om windt, om niet te zeggen dat het de subtiliteit van een sloophamer heeft. En daar ligt ook het probleem.
Babel is namelijk zo’n roman die ogenschijnlijk alles heeft: het is spannend, het is actueel, en het is bijzonder intelligent (wereldgeschiedenis, etymologie; Kuang heeft aan alles gedacht). Het is zelfs een belangrijk boek, omdat het over een pijnlijk en helaas niet vaak genoeg besproken onderwerp gaat. Maar helaas voelde het soms iets te veel als een pamflet tegen kolonialisme en te weinig als een echte roman. De personages praatten allemaal op dezelfde prekerige manier en maakten soms keuzes die echt niet bij hun karakter pasten. Ik ging prima mee in het idee dat zilver magische eigenschappen heeft en dat de hele economie van Engeland afhankelijk is van hun monopolie op dit metaal, maar vond de personages verre van geloofwaardig. Ik gok dat dat ook komt doordat Kuang het volgens mij ook belangrijk vindt dat haar eigen identiteit in het boek staat, ook omdat zij zichzelf profileert als een Chinees-Amerikaanse schrijfster. En dat brengt ons tot hoe het was om in Oxford te zijn na het lezen van dit boek.

In de introductie van Babel staat dat Kuang haar uiterste best heeft gedaan om een zo correct mogelijk beeld te geven van het Oxford van de negentiende eeuw, maar dat ze zich wel enkele vrijheden heeft gepermitteerd. Een daarvan, zo schrijft ze, is het Vaults & Garden café in Oxford, omdat ze daar zelf zo lekker gegeten heeft en dit haar personages ook gunde. Nu is dat niet erg, maar die aandacht in de introductie zorgt voor een enorme nadruk op elke keer dat dit café genoemd wordt. Sterker nog, toen ik in Oxford was, had ik meer zin om dat café op te zoeken dan dat ik bezig was met de echte boodschap van het boek. En het lijkt me dat dat niet bepaald de bedoeling was.
Nadat we gegeten hadden bij Vaults & Garden (en het was ook heel lekker, ik had een vegan Oxford breakfast, met avocado en bonen; maar zie hoeveel aandacht ik nu al besteed heb aan zo’n onbelangrijk detail) merkte ik dat de knop wel omging. Terwijl we door Oxford liepen, ging ik kijken naar alle gebouwen en colleges en standbeelden. En ik bleef maar denken dat de colleges vroeger alleen maar bewoond werden door witte mannen en dat de standbeelden voornamelijk van witte mannen waren. Maar toen kwam het besef dat de gebouwen niet gebouwd waren door witte mannen maar misschien wel door migranten – en niemand die dat weet of daar ooit bij stilstaat. En dat bewustzijn wekken zal precies de bedoeling geweest zijn van Babel.
Terwijl we daar liepen te midden van al die pracht en rijkdom, merkte ik dat ik me weer schuldig voelde. Ik was nog steeds betoverd door Oxford, maar wist, net als Robin Swift in Babel, dat er toch iets niet helemaal klopte. Ik zou de stad kunnen cancelen, bedacht ik, en kunnen zeggen dat ik er klaar mee was, naar huis gaan en een gefrustreerd stuk schrijven over Oxford. Of ik zou een laag kunnen toevoegen aan mijn bewustzijn, en aan de ene kant kunnen genieten van deze stad, maar wetend dat het een verleden heeft waar het niet heel trots op kan zijn. En wetend dat we, heel langzaam, richting een stad en hopelijk een wereld gaan waarin iedereen gelijk is, met een herschreven geschiedenis, met boeken als Babel, waar iedereen een plek verdient.
Ik besloot voor het tweede te gaan.
Wat vond jij van Babel? Vind jij dat er genoeg representatie is van niet-Westerse personen in beroemde steden als Oxford? Ben jij je er ooit bewust van dat de wereld nooit eerlijk verdeeld is? Doe jij iets om die oneerlijke verdeling tegen te gaan? Laat het me alsjeblieft weten in de comments! En vergeet me niet te volgen voor meer boekenposts!

Volgende keer: La Belle Sauvage van Philip Pullman.





Leave a comment