Als ik had geleefd in de jaren twintig van de vorige eeuw, dan zou ik naar Parijs gegaan zijn. Iedereen woonde daar toen; zoveel schilders, muzikanten en schrijvers trokken allemaal naar de zogenaamde Linkeroever, het gedeelte onder de rivier de Seine. Toen ik vorige week in Parijs was, las ik twee boeken van twee Amerikaanse vrouwen, en hun invloed op de cultuur van toen kan nauwelijks onderschat worden. Wil je weten over welke twee vrouwen het gaat en wat zij allemaal deden? Lees dan door!

Als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, dan zou ik naar 27 Rue de Fleurus gegaan zijn, vlakbij de Jardin de Luxembourg. Want daar woonde Gertrude Stein, een dichter, kunstverzamelaar, critica en schrijver. Haar The Autobiography of Alice B. Toklas lijkt vooral een literair experiment; het gaat over het Parijse leven van Stein en is verteld vanuit het perspectief van haar partner Alice B. Toklas. Gertrude Stein stond bekend om haar persoonlijke modernistische stijl, en dit boek is daar geen uitzondering op. Het was erg grappig om te lezen dat Stein Toklas steeds liet zeggen dat Stein een genie was, en dat alle moderne schrijvers Stein kopieerden. Hierdoor ontstond er een soort van komisch overdreven gevoel van zelfvertrouwen. (Hoewel ik hier en daar gelezen heb dat Stein zichzelf echt zo beschreef.) Hoe dan ook, ik zou naar Steins salon gegaan zijn en enorm mijn best gedaan hebben om toegelaten te worden tot haar vriendenkring – en daarna om daar niet weer uitgezet te worden.
Als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, dan zou ik naar 12 rue de l’Odeon gegaan zijn, vlakbij de Jardin de Luxembourg. Dat is namelijk waar Sylvia Beach een heel belangrijke boekenwinkel heeft opgericht. Ik las er alles over in haar memoires Shakespeare and Company, wat de naam was van deze winkel. Dit boek is veel traditioneler qua stijl, en Beach lijkt zich veel meer bewust van de ongelooflijke creativiteit van de mensen die zich in haar boekwinkel begaven, in plaats van dat ze bezig was met hoe belangrijk zij was. Ik denk dat ik elk vrije moment van mijn week in die boekwinkel geweest zou zijn – en daar zou ik ook al mijn geld uitgegeven hebben.
Als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, dan zou ik naar Steins tentoonstellingen van Picasso en Matisse en vele anderen geweest gaan. Ik zou haar literaire portretten hebben gelezen. Ik zou de boeken die ze zelf uitbracht onder de naam Plain Editions allemaal gekocht hebben.
Als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, dan zou ik het lanceringsfeestje van James Joyces Ulysses bezocht hebben in Shakespeare and Company. Sylvia was namelijk de enige persoon op de hele wereld die dapper genoeg was om een boek te publiceren dat in meerdere landen verboden was. Het kostte haar een rib uit haar leef, maar Ulysses wordt nu gezien als een van de belangrijkste boeken van de twintigste eeuw.
Als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, zou ik naar de Jardin de Luxembourg gegaan zijn, want dat park lag heel dichtbij zowel het huis van Gertrude Stein en Alice B. Toklas als Shakespeare and Company. Mocht ik niet uitgenodigd zijn geweest voor Steins etentjes, of als de boekenwinkel dicht was geweest, dan zou ik gewoon rondgelopen hebben in die prachtige tuin. Picasso zal er vast vaak geweest zijn, of Ernest Hemingway, of de dichters Ezra Pound of T. S. Eliot, of Ford Madox Ford, of F. Scott Fitzgerald. Ik denk niet dat ik ooit dapper genoeg geweest zou zijn om met een van hen te praten, maar ik zou gewoon op een goed uitgekozen bankje gezeten hebben en ze geobserveerd hebben. Een van hen zou misschien zelfs een verhaal over mij geschreven kunnen hebben, over die gekke, vreemde vrouw die altijd op hetzelfde bankje zat en die ze altijd aan leek te kijken.
Zelfs als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, dan nog steeds zou het me opgevallen zijn dat al die artiesten die ik in de vorige alinea noemde mannen waren. En dat is niet echt eerlijk, want volgens Gertrude Stein en Sylvia Beach waren er meer dan genoeg getalenteerde vrouwen die het verdienden om aandacht te krijgen. Neem bijvoorbeeld Bryher, een Engelse schrijver (ik Googelde haar en uiteindelijk lukte het me om twee van haar boeken te kopen die allang niet meer gedrukt worden), of haar minnares Hilda Doolittle, die schreef onder de naam H.D., of Djuna Barnes, een Americaans schrijver, of dichter Mina Loy. Ik zou fan zijn geweest van deze vrouwen en al hun boeken gekocht hebben.

Als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, dan zou ik me gerealiseerd hebben, misschien nog wel meer dan nu, dat Gertrude Stein en Sylvia Beach echt enorm belangrijk waren voor al die (mannelijke) artiesten die in grote zwermen naar de Linkeroever van Parijs trokken. Was Stein er niet geweest, dan zou Picasso misschien nooit beroemd geworden zijn. Had Beach Ulysses niet uitgegeven, dan zou James Joyces boek misschien nooit het daglicht gezien hebben. Als deze twee vrouwen er niet waren geweest, dan had de wereld er misschien wel heel anders uit hebben kunnen zien,
Toen ik vorige week in Parijs was en langs Gertrude Steins huis liep, of langs de oude locatie van Shakespeare and Company (er is nu ook een boekwinkel die zo heet in Parijs; deze is vernoemd naar de winkel van Beach), was ik zo onder de indruk deze vrouwen en alles wat ze toen deden. Ik wenste vurig dat ik terug kon reizen in de tijd. Ik wenste dat ik deze vrouwen kon vertellen hoezeer ik ze bewonderde, en ik wenste dat ze tegenwoordig nog steeds herinnerd zouden worden.
Als ik had geleefd in het Parijs van honderd jaar geleden, dan zou ik naar Parijs gegaan zijn en zou ik nooit weggegaan zijn. Maar dit is natuurlijk niet mogelijk. Daarom ben ik blij dat ik er vorige week was en mijn eerbetoon gaf aan deze twee vrouwen, Gertrude Stein en Sylvia Beach.
Ben jij ooit in Parijs geweest? Wat zou jij bezoeken als je er was? Naar welke tijd zou jij reizen als je een tijdmachine had? Heb je ooit iets gelezen van Gertrude Stein of gehoord van Sylvia Beach? Welke vrouwelijke schrijvers zijn volgens jou onterecht vergeten door de geschiedenis? Laat het me alsjeblieft weten in de comments! En vergeet me natuurlijk niet te volgen voor meer boekenposts!
(P.S.: Als ik niet in het Parijs van honderd jaar had kunnen leven, dan zou ik in Engeland in de jaren tachtig geleefd willen hebben. Want ik heb nog een ding over mannen die wel herinnerd worden en vrouwen niet: ik las een anekdote in Shakespeare and Company over de schilder André Gide, die in zijn jonge jeugd een grap uithaalde met zijn conciërge, die een een kleine schildpad had. Hij en een vriend van hem bleven deze steeds vervangen door een grotere. Had ik in Engeland gewoond, zo’n vijfendertig jaar geleden, dan zou ik aan Roald Dahl gevraagd hebben of de inspiratie voor zijn heerlijke verhaal Ieorg Idur uit Sylvia Book’s kwam. Ik vraag me af of hij het ooit toe zou geven.)






Leave a comment