De decembermaand zit niet voor niets vol met gezellig bedoelde avondjes met vrienden en familie. Pakjesavond, kerstborrels, eerste, tweede en derde kerstdag met ontbijt, lunch en diner, het jaar uit drinken, het nieuwe jaar indrinken…
Dat gefeest en gezuip is natuurlijk om gek van te worden, maar we doen het niet voor niks. We doen het om onszelf overeind te houden. Het helpt om die veel te korte dagen door te trekken. Anders zouden we nog veel gekker worden. De zon verschijnt pas als wij allang op ons werk verwacht worden en is voor vijf uur alweer verdwenen. De zon maakt geen lange werkdagen in de winter. De zon kijkt wel uit. Maar wij mensen? Mensen zijn de klos. We buffelen gewoon door in de paar strepen daglicht die we krijgen. Staan op in het donker, gaan naar ons werk in het donker, en als het eventjes licht is zitten we achter een beeldscherm. Als we weer naar huis mogen is het ook weer donker.
Daarom zijn al die feestdagen erbij gesleept in de winter. Onderweg naar de kortste dag en de langste nacht kunnen we ons in elk geval volstoppen met eten en vooral met drinken. Als we dan half januari weer een beetje bijkomen van alle overmaat en overdaad, zijn we weer op weg naar de lente. Kunnen we ons richten op dat vergezicht.
Wij zijn zielig in december, maar er is troost: Het kan altijd erger, we zijn niet de allerzieligsten.
Op het zuidelijk halfrond zijn de mensen nog zieliger. Daar valt december in de zomer en zit je dus op het terras tot elf uur ‘s avonds, met je schoonfamilie, aan het kerstdiner. Maar in juni, als het daar te koud en te donker wordt, dan is er geen feestdag meer te bekennen. Zuiderlingen moeten die donkere junimaand door zonder de steun van alle feestdagen die ons door de decembermaand heen helpen. Hun enige, minuscule lichtpuntje is de zonnewende, de Kortste Dag. Wij kennen die dag als Sint Jansdag, maar ik stel hierbij voor om Sint Jansdag op het Zuidelijk Halfrond om te dopen tot Allerzieligsten.
– Ynze van der Spek, 27 december 2025





Leave a comment